Zoeken
Onderzoeksresultaat
26 november 2019

Dimokritos Kavadias over polarisatie in het Brussels onderwijs

Het interdisciplinaire onderzoeksprogramma DEBEST (Democratic Empowerment for Brussels Education, Students and Teachers) spitst zich toe op polarisering, radicalisering, extremistische ideologieën, superdiversiteit en democratische dialoog in het metropolitaans Brussels onderwijs. Dimokritos Kavadias, VUB-docent politieke wetenschappen en directeur van het onderzoekscentrum BRIO, licht als promotor van het onderzoeksprogramma het opzet én de eerste resultaten toe.

Kavadias: ‘We merkten dat we geen algemeen representatief beeld hadden over de houdingen, verlangens of motivaties van jongeren in Brussel. Daarom zijn we begonnen met een aantal dingen op poten te zetten. In eerste instantie een kwalitatief vooronderzoek bij jongeren uit Nederlandstalige en Franstalige scholen in Brussel. In tweede instantie startten we ook met een vragenlijstonderzoek. De resultaten van die survey verwachten we tegen eind 2019. Ons opzet is ook een gelijkaardig onderzoek te initiëren bij leerkrachten en leraren in opleiding.’

Brusselgevoel versus neerkijken op Brussel

In de resultaten van het kwalitatief vooronderzoek vallen enkele zaken op. Kavadias: ‘In eerste instantie kunnen we zien dat er onder de jongeren een ‘Brusselgevoel’ bestaat, een gevoel van samenhorigheid. Voor hen is Brussel: leven en laten leven. Iedereen doet zijn ding, en er wordt niet neergekeken op andere mensen. Er is hier duidelijk een positieve connotatie met omgaan met verschillen en diversiteit.‘

‘De tweede vaststelling is dat heel wat jongeren het gevoel hebben dat er wordt neergekeken op Brussel. Er heerst een gevoel van maatschappelijke polarisatie, waarbij er naar hen anders zou worden gekeken dan andere jongeren.’

‘We hebben wel gemerkt dat je die diversiteit vooral terugvindt bij jongeren uit het algemeen secundair onderwijs. Jongeren uit het beroeps- en technisch onderwijs hebben een minder diverse vriendenkring. We zien bij die groep soms ook andere houdingen ontwikkelen. Zij hebben in grotere mate het gevoel dat ze worden gediscrimineerd. Die discriminatie kan al dan niet reëel zijn, maar ze heeft wel reële gevolgen. En het gevolg is dat die jongeren het gevoel krijgen dat ze niet meetellen in die Brusselse samenleving. Ik wil toch benadrukken dat maar een minderheid van die jongeren met dat gevoel van demotie geconfronteerd wordt. Bij een bepaalde groep gaat zich dat bovendien vertalen naar een negatieve houding ten opzichte van Brussel en de samenleving in haar totaliteit. Een aantal van die reacties blijven passief, maar een deel daarvan rebelleert daar ook tegen. Zij ontwikkelen een manier van daarmee om te gaan die ingaat tegen onze conventies van samenleven. En dat laatste is toch wel heel problematisch.’

Hefbomen voor het Brussels onderwijs

Kavadias: ‘We zien in het Brussels secundair onderwijs dat er meer en meer problemen opduiken met leerstof. Het gaat dan om een aantal controversiële thema’s die raken aan de religie en identiteit van mensen: homoseksualiteit, genderverhoudingen, levensbeschouwelijke kentekens, begin en einde van het leven, evolutie, …

DEBEST wil hiermee aan de slag. Het programma richt zich op het ontwikkelen van instrumenten om aan burgerschapsvorming te doen. ‘Niet door de scholen te zeggen: ‘dit moet je leren en kennen of zo moet je handelen’. Maar door hen methodieken aan te reiken om met die controversiële onderwerpen om te gaan of om die diverse groep beter te kunnen omkaderen.‘ besluit Kavadias.